| Gang: | Hoofdgerecht |
| Bereidingstijd: | 140 minuten |
| Aantal personen: | 6 porties |
| Moeilijkheidsgraad: | Middelmatig |
De afbeelding dient enkel ter inspiratie.
In september smaakt een sappige ribeye roast extra goed als hoofdgerecht voor een gezellige avond. Met een kruidige korst en een zijdezachte jus wordt dit een feestelijk gerecht dat weinig moeite vraagt maar veel indruk maakt.
Haal de ribeye roast 1 uur van tevoren uit de koelkast zodat het vlees op kamertemperatuur kan komen. Verwarm de oven voor op 230°C. Dep het vlees droog en bestrijk rondom met 2 el olijfolie. Meng tijm, rozemarijn, knoflook, zout en peper met de zachte boter tot een kruidenpasta en wrijf deze royaal over de roast. Leg de uien in de braadslee en plaats de ribeye roast met de vetkant naar boven erop. Braad 20 minuten op 230°C voor een mooie korst. Verlaag de temperatuur naar 175°C, voeg de runderbouillon toe en braad verder tot een kerntemperatuur van 55-57°C voor medium-rare. Meng ondertussen de aardappelen met de resterende olijfolie, zout en peper en voeg ze 40 minuten voor het einde toe aan de braadslee. Haal de braadslee uit de oven, leg het vlees op een snijplank en laat 15-20 minuten rusten onder losse folie. Maak een roux van 1 el boter en 2 el bloem in een steelpan, voeg het gezeefde braadvocht toe en laat de jus zachtjes binden. Snijd de ribeye roast in plakken en serveer met de aardappelen en jus.
Gebruik een kernthermometer voor precies de juiste gaarheid. De roux zorgt voor een gladde jus zonder klonters. Laat het vlees altijd rusten zodat de sappen zich mooi verdelen.
Smakelijk eten!